|
Kerktorens
Bij mij om de hoek staat een kerk. Een klassiek ontwerp. Een kind herkent het. Kruisplattegrond, grote gladgelakte voordeur, hoge ramen en een toren met een (analoge) klok eraan. Bovenin die toren hangen klokken en bellen. De kerk, als bouwkundig object, als religieus logo in deze moderne tijd, fascineert me. Vooral die toren. Het wil iets zeggen. Maar wat?
Voor deze column ben ik in een café gaan zitten, pal tegenover die kerk. Ter inspiratie. Aan een tafeltje bij het raam heb ik hem vol in het vizier. Laptop open, kop koffie naast me. Go.
Die toren is, net als vele andere kerktorens, ontworpen om aandacht te vragen. Heel bewust. Hoog boven de daken uit priemend. Je moest hem van ver kunnen zien. En horen. Het geluid van de klokken droeg ver de stad en het omliggende landschap in. Die klokken waren bovendien multifunctioneel. Ze riepen op tot gebed, maar gaven ook de tijd aan, luidden bij gelegenheid of waarschuwden bij onraad. In Zutphen bijvoorbeeld luidt de klok nog altijd 's avonds iets voor tienen. Een nooit afgeschafte gewoonte om arbeiders op het land naar binnen te halen, voordat de stadspoorten gingen sluiten. En een paar jaar geleden deed ik een ontwerpend onderzoek naar de voormalige woeste heidegronden in het beek- en esdorpenlandschap Drentsche Aa, waaruit bleek dat het netwerk van zandpaden direct gekoppeld was aan de compositie van kerktorens in het gebied. De torens met hun geklingel waren de belangrijkste bakens en wegwijzers van die tijd; ruimtelijk en geestelijk.
Dat is nu wel anders. We rennen massaal de kerk uit en oriënteren ons in het landschap met GPS en TomTom. Een kerktoren zegt tegenwoordig meer iets over nabijgelegen horeca, dan over zichzelf. Klokken maken 'lawaai' (Tilburg), en hun collectieve boodschappen halen het niet bij een persoonlijk smsje of mailtje. De eens zo trotse torens verdwijnen langzaam achter appartementencomplexen, McDonaldspalen, windturbines en Belles van Zuylen - onze nieuwe (culturele) bakens. Schijnbaar. Maar waar wijzen die ons heen?
Kerkgebouwen zelf veranderen ook. Leeggeraakte kerken worden steeds vaker omgebouwd tot woning, restaurant of bibliotheek. Het gebouwconcept blijkt flexibeler dan mogelijk ooit bedoeld: religie eruit, (massa)cultuur erin. Praktisch, maar het voelt toch een beetje als een heremietkreeft die een lege schelp betrekt. Een leuke oplossing voor een plek, maar niet voor het geheel. En bovendien worden de torens vaak buiten beschouwing gelaten.
Omdat ik geen horloge draag, maak ik vaak gebruik van de kerktorens en hun klokken om te weten hoe laat het is. Ideaal, ze staan overal. Een 'gratis' dienst. En ook wel mooi: de stad, de publieke ruimte, toont de tijd. En niet een individueel polshorloge. Waarom zou je ze niet als een fraaie serie ontwerpen? Digitaal, datum erbij, tweets van de pastor eronder. De kerk wordt verweten een PR-bureau uit de steentijd te hebben. Nou, geef het een draai.
Als ik besluit om op te stappen, begint ineens de slow whoop te loeien. Het is de eerste van de maand, twaalf uur, exact. Even kijk ik naar de klokken bovenin de toren. Dit hadden zij kunnen doen...
Marc Nolden
---
Deze column is onderdeel van een reeks. Het zijn beschouwingen over ruimtelijke kwaliteit en verschijnen maandelijks op de website van de provincie Gelderland: Gelders Bouwmeesterschap.>>
|